Kijken
/ tags: Ooit hoorde ik een mooi betoog van hem over kijken. Op zijn site leer je ook beter kijken.
En misschien moet ik zeggen
zien.
/ tags: Ooit hoorde ik een mooi betoog van hem over kijken. Op zijn site leer je ook beter kijken.
En misschien moet ik zeggen
zien.
/ tags: Het zijn vuurstenen voor de verbeelding, de korte gedichten van Sebald die ik op dit moment lees. Ik zeg niet dat het geweldige gedichten zijn, maar ze zetten de fantasie wel aan het werk - en dat kan op een dag als vandaag dan weer geen kwaad:
De houtkrullen in de kist
ruiken naar schrijfpapier.
/ tags:
Terwijl ik bezig ben met het bedenken van een internetproject, ik houd u op de hoogte, bezocht ik het weblog van Steven Johnson weer eens. Hij is met een geweldig project bezig.
/ tags:
De Arbeiderspers brengt het boek wervend en terecht: ”Parijs. De verborgen geschiedenis’ belicht de duistere kant van Parijs, de stad van de opstanden en opstootjes, revolutionaire ideeën en onmogelijke verlangens. In meer dan vijfhonderd intense, opwindende bladzijden met duizenden levendige personen, verwijzingen, details en kleuren vervangt Andrew Hussey de ansichtkaartversie door het echte verhaal van de stad. Hussey vertelt de gewelddadige antigeschiedenis van Parijs vanuit het perspectief van de zwervers en de immigranten, hoeren en criminelen, onrustzaaiers en anarchisten, kortom de subversieve elementen die hun sporen hebben nagelaten in het werk van Balzac, Bataille en Breton, Sartre en de existentialisten, Guy Debord en de situationisten, tot aan Michel Houellebecq. Andrew Hussey gaat in dit meesterlijke, buitensporig onderhoudende boek op zoek naar het Parijs achter het cliché van de ansichtkaart. Hij legt de rauwe werkelijkheid bloot van de petits gens, de gewone mensen in de straat, die de geschiedenis van Parijs grotendeels hebben bepaald, op de barricaden, in de bars, kunstsalons en bordelen, van de prehistorie tot de rellen in de hete herfst van 2005. Hussey delft de verdrongen betekenissen en occulte mythen op die door de officiële geschiedenis zijn overwoekerd. Iedereen die het onbekende Parijs wil ontdekken zal ‘Parijs. De verborgen geschiedenis’ voortaan als zijn lijfboek beschouwen’.
Ik spreek Andrew Hussey in zijn Amsterdamse hotel. Exclusief voor dit log. Hij ziet er uit, zoals ik eerder schreef, als een Engelsman die vele uren per dag bierdrinkend aan de bar doorbrengt. In het dagelijks leven doceert hij literatuur aan een Parijse universiteit. Hij schrijft met evenveel gemak over voetbal, popmuziek als over leven en werk van de revolutionair Guy Debord over wie hij een biografie schreef. Debord komt overigens een aantal keren ter sprake tijdens het interview, niet in de laatste plaats omdat hij onze spektakelmaatschappij voorzag. Maar ook omdat hij een nieuwe methode bedacht om steden te verkennen: psycho-geografie…volg je stemmingen, emoties en dwaal.
/ tags:
Pato’s enige misdaad is dat hij negentien jaar oud is. Hij heeft alleen de pech dat hij negentien is in het Buenos Aires van de jaren zeventig. Het Argentinië dat in de greep was van de vuile oorlog, toen de militairen en het tuig van de richel in hun bloederige voetsporen aan het bewind waren. Op een dag verdwijnt Pato, zoals zoveel mensen in die jaren opeens ‘verwenen’. Zijn ouders gaan op zoek naar hem, van overheidsgebouw naar overheidsgebouw. Hoe kan hij weg zijn? Hij heeft toch niets misdaan? Nathan Englander werkte zeer lang aan zijn nieuwe boek, zijn tweede, dat onlangs in Nederlandse vertaling verscheen: ‘Het ministerie van buitengewone zaken’. Ik sprak met hem over dat bijzondere boek in Amsterdam (het interview is alleen via dit weblog te horen).
Englander vertelde hoe hij ooit in Israël, waar hij een tijdje woonde, op het idee kwam om te schrijven over Pato’s verdwijning. Hij ontmoette een paar jongeren uit Argentinië die de vuile oorlog hadden meegemaakt. Hij raakte geïntrigeerd door wat ze vertelden over die jaren, nog preciezer: wat ze niet vertelden deed een oproep aan zijn verbeelding. ‘Het ministerie van buitengewone zaken’ is overigens niet in de laatste plaats zo’n bijzonder boek omdat het een prachtig portret is van een vader & zoon. Luistert u naar Nathan Englander:
/ tags:
Een verhaaltje dat ik wekelijks schrijf.
Een paar achtergelaten koffers. Mappen met overdrachtsaktes. Een lekke bal. Twee stropdassen. Een strijkplank. Een tandenborstel. Een bruin kartonnen doos vol ballpoints van het merk BIC.
Het kantoor van de Braziliaanse ambassade oogde als de opslag van een voorgoed gesloten winkel. Op een tafel lag een bureaulade met een brief erin. Toen de nieuwe beambte opdracht kreeg om de spullen op te ruimen of weg te gooien zag hij de enveloppe eerst over het hoofd.
Op de derde dag van zijn schoonmaakactie - hij werkte traag - pakte hij de brief op. Zijn voorgangers hadden stempels op de enveloppe gezet. Er was koffie op gemorst. Iemand had een vraagteken onder de postzegel getekend. Maar niemand was op het idee gekomen om de brief te openen. De beambte aarzelde, zou hij? Na de middagpauze bekeek hij de brief weer. Las de naam van de geadresseerde, probeerde die uit te spreken.
Wickerfinn Lutz.
Opeens schoot hem de zakenman te binnen die een keer in zijn geboortedorp was aangekomen. Die had ook zo’n soort naam gehad. Uit Polen kwam hij. Hij vertelde de bewoners dat ze rijk konden worden als ze hem hun geld gaven. Hij zou het voor ze investeren in de aan- en verkoop van goud. De zakenman nam zijn intrek in een pension, bood diners aan en schetste gouden regenbogen. Een paar dorpelingen gaven hem hun spaargeld. Plechtig kregen ze officiële aktes overhandigd. De zakenman verdween na drie weken. Zijn grootmoeder had de akte ingelijst.
Wie was Wickerfinn Lutz?
Er stond ook een afzender op. Hij opende de brief.
Leeg.
Het kwam zo: ik las over een project van kunstenaar Jason Dodge. Dodge stuurde enveloppen naar ambassades van verschillende landen, alle gericht aan een zekere Wickerfinn Lutz.
Uiteindelijk werden ze - vaak na lange tijd - stuk voor stuk teruggestuurd. Met krabbels erop, tekeningen soms, vragen.
Jason Dodge stelde ze tentoon. Hij liet ook zien welke weg de brieven hadden afgelegd.
Ik probeerde me voor te stellen dat ik één van de ontvangers was.
Het project van Dodge heette: The Disappearance of Wickerfinn Lutz.
Wie Wickerfinn Lutz is weet nog steeds niemand.
/ tags: Ik las een gedichtje van Sebald.
Zoals je je teen kunt stoten: eerst voel je bijna niks, aan het einde van de dag klopt dat kleine lichaamsdeel voor tien.
Nu het gedichtje:
Het schrijfpapier ruikt naar
houtkrullen in de kist.
/ tags: Hij ziet er uit als een dikke Engelsman die aan de bar - altijd een groot glas bier binnen handbereik - gretig en lang over voetballen praat. Van voetbal heeft hij trouwens verstand, hij schreef een mooi verhaal over Zidane. Maar hij is - wat mij betreft - vooral de schrijver van een mooie biografie over de opstandeling Guy Debord die in de jaren zestig al voorspelde dat alles wat ooit oprecht werd geleefd door de wetten van de spektakelmaatschappij alleen nog maar in de vorm van spektakels aan ons voorbij zou trekken. Kijk om je heen en je moet somber vaststellen dat Debord helaas gelijk heeft gekrijgen. Dezer dagen verschijnt er een nieuw boek van hem in Nederlandse vertaling, een vuistdik portret van de stad die onderdak bood aan mensen als Debord.
/ tags:
Gisteravond was de Oostenrijkse schrijver Thomas Glavinic te gast in De Avonden. De medewerkster van zijn Nederlandse uitgeverij Contact belde ’s middags op om mee te delen dat Glavinic opzag tegen het interview. Dat verbaasde me - zijn boek is jubelend ontvangen, hij behoort inmiddels tot de weinige schrijvers die een weektaak hebben aan het achterna jagen van hun boek. Overal moet hij opdraven. Dan ben je toch al snel niet meer bang voor een interview, zou je denken.
Het was een mooi gesprek met Glavinic, al snel maakte hij duidelijk dat hij één verzameling angsten is. Zo slaapt hij elke avond met het licht aan. Ook de radio staat dan aan. Hij is ook bang voor geesten. Verder durfde hij vele jaren niet te vliegen. En zo kan ik nog wel even doorgaan. Dat hij opzag tegen een radio-interview bleek een van z’n kleinere kwaaltjes. De verzameling angsten en neuroses zet zijn bijzondere boek Nachtwerk overigens in een helder licht.